zondag 5 februari 2012

321. Dan is er iets grondig mis mee!

Twee weken geleden deed mijn kachel het plotseling niet meer. Het is een zwarte Pelgrim gaskachel, die lijkt op die ouderwetse potkachels. De ring (met een diameter van ongeveer 30 cm) waaruit de vlammen moeten opkomen – ik hoop dat ik alles goed uitleg, ik ben niet zo technisch – was in zijn geheel verzakt. Ik dus zoeken naar een kachelreparatiebedrijf in de Gouden Gids, en ik vond er één, die adverteerde met Stuntprijzen, landelijk bereik! Het was een firma Kalmthout uit Helmond. Ik bel die firma en ze zeiden dat er nog dezelfde dag iemand zou langskomen. Dat gebeurde ook. Er kwam die middag een jongen van een jaar of dertig langs, die wat ging rommelen in die kachel en die na vijf minuten zei: ‘Tja meneer. Er zal een nieuwe ring in moeten en die heb ik niet bij me. Die moet ik ophalen op de zaak in Helmond. Dan kom ik morgenmiddag die ring er in plaatsen. Is dat goed?’ Ik zei dat dat goed was, want het was buiten nog heerlijk voorjaarsweer. Het was geen winter, toen.
Maar hij kwam niet, de volgende middag. Aan het eind van de dag belde ik weer naar de firma Kalmthout om te vernemen wat er mis was, maar ik kreeg pie-pie-PIEP, pie-pie-PIEP te horen. En dat geluid krijg ik steeds te horen als ik ze bel. Ik bel op een gegeven moment de telefooninformatiedienst met een vraag naar het nummer van een firma Kalmthout, Rustbergen 2 te Helmond. Daar was geen telefoonnummer van bekend, zei die juffrouw.
Wat nu, dacht ik. Ik hoop dat u alstublieft niet denkt dat ik dit allemaal zit te verzinnen, maar dat ik in werkelijkheid mijn gasrekening niet heb betaald en dat ik van het gas ben afgesloten, want dat ben ik niet. Mijn gasfornuis en mijn geiser werken nog normaal. Wat nu? Want ik wist dat er een koudefront op komst was, met temperaturen van wel 10 graden vorst ’s ochtends vroeg. Normaal denk ik niet over zulke praktische zaken na, en nu moest ik wel. Hoe krijg ik het warm in huis? Door dingen te verbranden, natuurlijk! Dingen van hout. Ik had nog een oud houten tuinameublementje in mijn berging staan (wie wat bewaart, die heeft wat). Dat haalde ik mijn huis in, ik sloeg met een bijl de hele boel in stukken, deed het hout in mijn kachel en stak het aan. Daar heb ik bijna een hele dag goede warmte van gehad: het fikte prima.
Toen was het hout op, want je gaat niet zomaar je normale meubilair in de fik steken. Dus: mijn boeken moesten de hens in. Ik begon eerst nog zorgvuldig de titels uit te zoeken. Eerst dus de twaalf of dertien boeken van Karel van het Reve, want daar had ik de zeven delen Verzameld Werk al voor in de plaats. Toen boeken met goed houthoudend papier, zoals Het katholieke geloof van pater G.S. Schuivelinx uit, dat gelooft u niet, Helmond. Maar afgelopen woensdag, toen het écht begon te vriezen, besefte ik dat ik niet kieskeurig meer mocht zijn. Dus ik heb alle vijftig of zestig kookboeken die ik gekregen had van mijn vriendin de kachel in gemieterd, en daarna nog een paar honderd boeken. Vooral de woordenboeken en een Spectrum atlas brandden goed. Nu is de eerste van mijn drie boekenkasten leeg, dus ik ga straks met mijn bijl aan de slag om die boekenkast aan gruzelementen te slaan en het hout in de kachel te doen.
Ik moet zeggen: het ruimt ook mooi op, en zo hebben je boeken nog een zekere meerwaarde. Ik denk dat ik deze winter wel doorkom: ik heb nog zo’n 600 boeken om in de fik te steken, plus twee boekenkasten. U zult denken: koop toch een nieuwe kachel! Ja, maar daar verzet zich mijn ouderwetse natuur tegen. Ik stop mijn sokken nog, als de zolen van mijn schoenen kapot zijn, ga ik naar een schoenmaker om er nieuwe zolen onder te laten zetten en ik loop ook rond met leren ellebogen in mijn truien en jasjes. Het begint nu weer een beetje kil te worden, ik ga beginnen aan mijn Engelse literatuur. Hup! Daar gaan T.C. Boyle, Graham Greene, Somerset Maugham, Kingsley Amis, Waugh, die lekker dikke Quincunx van Charles Palliser, Wodehouse, Le Carré en Philip Roth de kachel in!

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen