dinsdag 7 augustus 2012

De 100 meter

Ik schrijf dit op de avond van Usain Bolt, en niet op de avond van Jolande Withuis. Ik heb haar nog nooit gezien en ook vanavond heb ik het aan me voorbij laten gaan. Een sociologe die bij het NIOD iets aan de Tweede Wereldoorlog heeft gedaan... Die Jan Leyers krijgt ook wel de gásten, is het niet: een voormalig popzanger, een cabaretier en een sociologe. Godvergéme! Er bestaan toch nog wel een paar aardige wiskundigen, astronomen of desnoods gastronomen? Ik ben het overigens helemaal eens met Eva Schram, die zei dat die programma’s van Coen Verbraak een stuk leerzamer zijn dan Zomergasten. Het is inderdaad een beetje uit de tijd, zo’n lang interviewprogramma, waar niet in wordt gesneden omdat dat zo eerlijk is, nietwaar, maar waarin dus ook zo oeverloos wordt geoudehoerd. Dat geoudehoer wordt er door Coen Verbraak, of door zijn regisseur, uitgesneden, en terecht. We oudehoeren allemaal wel eens teveel, zegt u zelf, en u bent blij als het niet wordt uitgezonden.
Nog iets. Die gewoonte van sommige mensen om hun ‘eigen’ fragmenten aan te leveren als zij de gast van Zomergasten zouden zijn geweest – ik denk dat het al ongeveer zeven jaar lang het geval is. Die fragmenten interesseren mij en de meeste mensen niet. Voor Jolande Withuis had ik dit fragment bijvoorbeeld bedacht, maar ze zal wel dit stukje of iets dergelijks hebben gekozen. Ik weet het niet, want ik ben geen socioloog, en naar hun gedachten moet men altijd raden.
Nee! Het was de avond van Usain Bolt, die in 9.63 seconden de 100 meter afrondde te Londen. Als hij er nu maar ook een beetje gewoon over had gedaan, was het voor mij genoeg, maar hij maakte er weer een enorm gedoe van, met zelfs een koprol en een kus op het tartan enzovoorts, het duurde maar en het duurde maar, dat gedoe. Mijn advies – maar wie luistert er naar mij – aan het Internationaal Olympisch Comité (waar komt het woord Olùmpisch eigenlijk vandaan, zoals gebruikt door Erica Verkerk?) is: maak aan dat feestgewauwel een einde. Schoffel de atleten van de baan af, zodra ze hun kunstje hebben verricht. Juichen en uithuilen kunnen ze overal elders.
Daarmee zijn we weer bij Zomergasten. Het gewauwel van gast Vrienten – die best een goed lid van een groepje mag zijn geweest en die ook best een gewild schrijver van filmmuziek mag zijn geworden, ik doe daar niets aan af – en het gewauwel van gast Micha Wertheim, dat ik maar zéér ten dele heb gevolgd, gelukkig, want ik was bezig in een boek van Tijs Goldschmidt, al dat gewauwel interesseerde me maar matig.
Kunnen ze volgend jaar niet iemand als Goldschmidt uitnodigen? Of heb ik hem al gemist, de voorgaande jaren?

P.S. Die migraine-aanval (als het migraine was natuurlijk) van Jolande Withuis bewijst nog maar eens dat het beter is om een televisie-interviewprogramma à la Coen Verbraak te maken. Daar zaniken wij niet over.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen