zaterdag 18 augustus 2012

Mijn hekel aan films

Mijn god, ik zal het geprobeerd hebben om films helemaal uit te kijken! Of zelfs een aflevering van Tatort op de televisie! Maar het lukt me niet, ik pak een boek of ik ga iets anders doen. In een bioscoop  ben ik gedurende de ruim 58 jaar van mijn leven drie of vier keer geweest, meer niet. Niet uit angst, maar uit verveling ben ik er niet graag. Ik verveel me wanneer ik bijvoorbeeld Turks fruit zie, of een ander bedacht verhaaltje dat in een film wordt vertoond. Een film kan me alleen bekoren wanneer het een documentaire is, en het kan me bijna niet schelen wat het onderwerp is. Een documentaire van anderhalf uur over de vlasteelt of de moeilijkheden in de glastuinbouw kun je me zo voorschotelen. Ik kijk ook zeer graag naar de besprekingen in de Tweede Kamer, dat vind ik zelfs prachtig, maar dan schakel ik wel het geluid uit, om te zien wie de ware leugenaars zijn. (Dat moet u ook eens doen. Niet letten op wat ze zeggen, alleen op hoe ze het zeggen. Met welke oogopslag, welke bewegingen van hun handen en schouders, met welke bewegingen van hun mondhoeken. Ik geloof ook vast dat de doven en slechthorenden in onze samenleving een beter idee hebben van de politiek dan wij, veelhorenden.)
Mijn hekel aan de film is al op jeugdige leeftijd begonnen: ik weet nog dat ik met vader en moeder meeging naar een bioscoop in Alkmaar, waar een Oostenrijks drama, in Amerikaans snit, werd vertoond. Met zang. Dus u zult wel willen begrijpen dat de musical ook niet tot mijn favoriete genres kan worden gerekend.
Tijdens die Amerikaans-Oostenrijkse film vroeg ik mijn vader: ‘Maar die bergen, hè? Waarom hebben wij geen bergen?’ Het onbevredigende antwoord was: ‘Nederland is een plat land. Het regent hier vaak.’ Ik bleef daar achter met het verband tussen de jaarlijkse regenval en de geringe bergachtigheid van Nederland. Ik heb er maar niet over doorgevraagd, want dat deed je nog niet in die jaren, maar het was eenzelfde soort vraag als: ‘Waarom heeft Rocky Stallone zulke gespierde armen, terwijl hij alleen maar een geweer draagt dat toch ongeveer maar 3 kg moet wegen? Dat geweer weegt geen 30 kg, dus waar heeft hij die spieren en die enorme borstkas voor nodig?’
Later begreep ik wel dat ik heel wat cultuur had gemist: Italiaanse films waren geweldig geweest, Franse, Engelse films ook soms, zéér incidenteel was er een Nederlandse film. Maar ik heb ze niet gezien, want ik las liever het boek waarop ze waren gebaseerd. Ik las zelfs liever het script van de film zelf dan de film.
Ik heb hetzelfde met toneelstukken. Ik lees liever het toneelstuk Who’s afraid of  Virginia Woolf dan het stuk te moeten zien, ook al vind ik Elizabeth Taylor en Richard Burton prachtig acteren. Want die film heb ik wél gezien, die was een keer op de tv. Maar de tekst van Edward Albee overstijgt, naar mijn smaak, al dat geacteer. Het geactéér, het zou verboden moeten worden.

Foto: 8weekly: ‘La vida de los peces’.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen