donderdag 13 augustus 2009

11. Dat maakt een onbetrouwbare indruk

Gisteravond waren Alice en ik op het Internationale Goochel- en Illusionistencongres, dat gehouden werd te Alkmaar. Dat congres vond plaats in een hotel, hoe heet het ook alweer, aan het Ravelwater, dat door Jan en alleman uitgesproken wordt met de klemtoon op de eerste lettergreep, maar dat door ons uiteraard met de klemtoon op de tweede wordt uitgesproken. Wij kennen de grote illusionist Joseph-Martin Ravel uit Martinique maar al te goed.
Wij zijn, zoals u ongetwijfeld weet uit de shockmedia, en anders weet u het nu, pulverisé (verpulverd) door de heer Ravel tijdens het Internationale Congres van vorig jaar, dat gehouden werd aan de Pruikenmakersgracht te Amsterdam. ‘Voodoo noir, voodoo noir,’ schreeuwde de grote illusionist ons toe, en hij liet de hele wereld versteld staan. Ons ook, want wij zijn zeer klein geworden: wij meten 17 centimeter.
U zult wel begrijpen welke moeilijkheden onze grootte ons geeft bij het openbaar vervoer. Ook de medische stand heeft geen antwoorden op onze prangende vragen. Onze klachten zijn wel met negentiende afgenomen, wij hoesten bijvoorbeeld nauwelijks meer, maar wij hebben toch wel een verhoogde bloeddruk. Laat ons niet verder klagen!
Wij gingen naar Alkmaar in de hoop dat we daar de heer Ravel zouden ontmoeten, die ons weer tot onze normale lengte zou kunnen terug, ja, toveren.
U weet dat het een heel gedoe is in zo’n zaal. Dames in gruwelijk gelakte naaldhakken, heren in even gruwelijk gelakte zwarte schoenen. Om bang van te worden. Wij klommen tenslotte in onze stoel, waar wij een groot spandoek ontrolden met de tekst: ‘Monsieur Ravel, breng ons terug!’ Het was een zeer duidelijk spandoek van wel 30 x 3 centimeter, dat Alice en ik beiden hadden beschilderd.
Het heeft niet geholpen. Uiteraard niet. De heer Ravel was wel aanwezig, deed ook weer enige prachtige trucs (met een olifant dit keer), maar heeft ons niet opgemerkt. Wij begonnen op een zeker moment te schreeuwen, maar ook dat werd niet gehoord. Onze stembanden zijn ook zo klein geworden, dat horen de mensen niet.
Aan het einde van de avond zakten we van onze stoel af en gingen we weer naar huis. Klein en miserabel zullen we blijven, maar we hebben elkaar. Daar zijn we toch blij mee.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen