vrijdag 30 december 2011

292. Die komen meestal met de fiets

Het atletische echtpaar Jan en Janine Schotter komt eens per jaar bij me op bezoek. Ze wonen in Haarlem-Noord, ze fietsen zo’n 50 km en daar zijn ze dan. Vandaag kwamen ze, ze zijn een half uur geleden weer weggegaan, na nog een vraag waar precies Dirkswoud lag, ‘want dan kunnen we daar ook eens naartoe fietsen’. Ik heb ze uitgelegd dat Dirkswoud zeer lastig te vinden is, maar ‘zodra je hunebedden in het weiland begint te zien, ben je op de goede weg’.
Van de twee is Jan de prater en Janine de luisteraar. Hij werkt bij de gemeente Haarlem en hij begint meestal met de problemen in die gemeente (over deze en dergelijke zaken kunt u deze website het beste raadplegen). Als dat is afgehandeld, volgen er wat varia, waarna we aan het eten gaan (ik had iets lekkers uit de Libanese keuken klaargemaakt: pompoenkibbé).
Na het eten fluisterde Janine haar man toe: ‘Het kanaal!’
‘Ja,’ zei Jan. ‘Jij komt nooit ergens, Ben, maar wij komen nog eens ergens. We fietsen bijvoorbeeld veel langs het Noordzeekanaal.’
Ik begreep dat het een mooi verhaal moest zijn, want Janine zat stilletjes al te genieten.
‘We gingen zitten in de buurt van de Velsertunnel. Daar is zo’n grasveldje met een bankje. We zitten zo uit te kijken over het kanaal, we nemen een broodje en daar komt een schip aan. Een vrachtschip, dat op weg is  naar Amsterdam. Wij zwaaien naar een man op dat schip, want dat doen we altijd, zwaaien naar voorbijgangers. Springt die man zó in het water! Ja, je maakt wat mee als je eens ergens komt, Ben. Hij springt in het water, wij staan verbaasd op en hij komt naar ons toe gezwommen. Hij klimt uit het kanaal, die basaltblokken op en hij komt naar ons toe. Daar staat hij uit te druipen, recht voor ons. Ik zeg: ‘Welcome in Holland!’ en hij zegt: ‘Zank you.’ Ik zeg, heb je trek in een broodje? En ik steek hem een broodje toe. Dat eet hij op, en hij zegt...’
Janine begon op dit punt van het verhaal te giechelen.
‘Hij zegt: ‘Do you know Ben Hoedzjieboem?’ Ik zeg: ‘Nee, mij niet bekend. Wij kennen wel Ben Hoagahboame.’ Maar je ziet wel, je bent internationaal bekend, en ook in de zeevaart begin je al een grote te worden.’
Ik kom inderdaad nooit ergens, en ik mis er heel weinig door.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen