zondag 6 september 2009

35. Er is vandaag niets gebeurd

Er is vandaag niets gebeurd, en er zal ook waarschijnlijk niets gebeuren dat interessant genoeg zal zijn om er melding van te maken. Ik moet dus iets uit mijn roerige verleden opdiepen. Ik heb in Akersloot, Bakkum, Castricum, Dirkswoud en Egmond aan Zee gewoond, in die volgorde ook. Wat zal mijn volgende woonplaats worden? Franeker? Foxhol? Fijnaart?
Nu is mijn lief Alice, die zeer geleerd is (ik schrijf haar soms brieven met ‘Amice! De kussens zijn weer opgeschud, je bent welkom’), maar toen ik nog in Dirkswoud woonde, was mijn lief Akela. Zo liet ze zich tenminste noemen. De slimme lezers zullen kunnen narekenen hoeveel liefjes ik in mijn leven gehad heb, als ze weten dat mijn eerste lief Aafje heette, en ze zullen ook de barheid van mijn zoektochten begrijpen, want u zult wel weten dat er weinig meisjes zijn wier voornaam met Ae of Ah begint.
God, wat een verschrikkelijke verveling, deze zondag!
Met die Akela heb ik eens het volgende meegemaakt. Lezers die niet kunnen tegen levendig expressionisme in de schrijfkunst, moet ik waarschuwen. We woonden allebei, zoals de meeste Dirkswoudenaren, aan de Noordvaart. Dirkswoud is een lintwormvormig dorp, ergens tussen Alkmaar en Schagen. Het was de gewoonte in Dirkswoud om op de zondagmiddag met je lief te gaan treffelen, wat het best vertaald kan worden met paraderen. Dat deden Akela en ik dus ook, we wandelden rustig de Noordvaart af en weer terug.
‘Ik heb een verrassing,’ zei Akela.
‘Kom maar op,’ zei ik.
‘Dan moet jij met je rug tegen die boom gaan staan.’
Dat deed ik.
‘En dan bind ik je vast.’
‘Oké.’
‘Zit je zo lekker vastgebonden?’
‘Jawel.’
‘Dan trek ik je schoenen en je sokken uit.’
Het was in de maand mei, dus veel bezwaar had ik niet.
‘En je broek. Die gaat ook uit.’
‘Ik neem aan dat je mijn onderbroek ook uit gaat trekken?’
‘Ja.’
Afijn, ze haalde mijn onderbroek door het water van de Noordvaart, terwijl ik een voorbijganger vriendelijk toeknikte en een goedemiddag toewenste. Toen kwam Akela terug en begon ze me met die onderbroek te slaan op mijn edelste delen, schreeuwende: ‘Ard! En! Kee! Sie! Ard! En! Kee! Sie!’
U zult wel begrijpen dat het voor mij tijd was om een nieuwe lief te vinden.
Er gebeurt nooit iets, hier. Geen moord, geen processie, geen fakkeltocht. Alleen als Zeevogels gewonnen heeft van de Foresters uit Heiloo. Dan is het feest.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen