donderdag 26 januari 2012

313. Houd ze dan nog maar eens in toom!

Gert Klaassen (62) is de oudste medewerker van DVD (Dieren Vervoer Dirkswoud). Hij kan zich niet aan de indruk onttrekken dat dat vervoer hedentendage ‘gecompliceerder wordt gemaakt dan absoluut noodzakelijk is’.
‘Boe roept een koe niet, een koe roept meuh,’ zei hij me, tijdens een rit van Dirkswoud naar de koeienmarkt van Schagen. ‘Vroeger zeiden de koeien boe, maar tegenwoordig hebben we hier in Nederland Amerikaanse koeien. Vandaar. Die Amerikanen geven meer liters en ze gaan ook makker de slachterij in. Vroeger moest je ze nog wel eens in de schoften prikken, maar dat hoeft tegenwoordig niet meer. Goeie beesten, beste beesten.’
We zaten in de cabine van zijn dierentransportwagen. Hij zou een stuk of tien koeien die boer Weijers had gekocht, mee terugnemen naar Dirkswoud. Vroeger moest zo’n boer zelf nog bij de aankoop aanwezig zijn, maar dat is tegenwoordig, met internet enzovoorts, niet meer nodig. Dat handjeklap-afdingen en -opbieden is ook uit de tijd: de meeste boeren betalen nu gewoon via iDeal. De boeren van tegenwoordig gaan niet meer ’s ochtends vroeg naar de koeienmarkt, om twee uur later in een kroeg te verdwijnen, want ze hebben een bedrijf te leiden en dat gaat niet gepaard met doordeweeks zuipen en een paar duizend pietermannen in je kontzak dragen.
‘Ik kan je verhalen vertellen over vroeger,’ zei Gert me. ‘Bijvoorbeeld bij boer Tamsink in Dirkswoud. Hij zat aan de Oosterzij, waar nu de tennisclub is. Daar had hij zijn weiland en daar liepen ongeveer 25 koeien van het oude soort. En die konden driestig zijn als de pest! Afijn, ik moest er acht van ophalen voor de slachterij en vier voor de kunstmatige inseminatie. Dat kun je je nu niet meer voorstellen, maar dat ging toen gewoon met elkaar in één wagen. Dus ik laad ze alle twaalf in en ik rijd eerst naar het inseminatiestation in Broek op Langedijk. Grote vergissing van mij, want ik doe de laadklep open en daar springen alle twaalf koeien uit de wagen, ik weet ook niet waarom. Misschien hebben ze een zesde zintuig dat zaad herkent. We zijn toen, ik en nog vier jongens van het station, een paar uur bezig geweest om de koeien die voor de slacht bestemd waren, te verzamelen en weer in te laden. Godvergeme, alsof ze het wisten.’

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen