woensdag 24 maart 2010

235. Toen was het drie uur ’s nachts

- Duifje?
- Ja, Bennemans?
- Ik weet wel dat ik je wakker bel...
- Inderdaad, het is drie uur geweest. Maar ik hoor je sonore stem zo graag!
- Ik heb ook ’s nachts nog een goede baritonstem, hè?
- Je kunt zo meezingen in het koor, Bennemans.
- Hangt er wel vanaf welk repertoire ze hebben natuurlijk, Duifje.
- Byrd, Tallis, Bach, Pärt.
- Jij hebt een goede smaak!
- Dat wist je toch, Bennemans?
- Ja, dat wist ik. Ik wou dat je alvast hier was, Duifje.
- Wat? Waar? Waar? Grapje, Bennemans.
- Ik heb trouwens muziekcorps Excelsior gevraagd of ze op willen letten.
- Waarop?
- Ik heb gezegd: ga bij de grenspaal staan, in het gelid, en wacht totdat de verhuiswagen eraan komt. En dan komen jullie dus achteraan het muziekcorps het dorp binnen. Ze gaan het nummer Come home, Nitty-Gritty spelen, terwijl langs de weg de Derpers je met vlaggetjes toezwaaien.
- Heerlijk, Bennemans!
- Ik ben ook bij de verschillende lagere scholen in ons dorp geweest en ik heb gezegd: op die en die dag hebben jullie ’s middags vrij, kinderen!
- Dan zal ik maar niet op de woensdag komen, Bennemans, want dan hebben ze al vrij.
- Inderdaad, Duifje. Ik heb gezegd: dan hebben jullie vrij, maar dan moeten jullie wel met z’n allen op het pleintje voor mijn huis komen, met toeters et cetera. En dan moeten jullie even ontzaglijk hard gaan gillen en joelen als de verhuiswagen eraan komt.
- Ik kan niet wachten, Bennemans.
- Ik ook niet, Duifje.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen