donderdag 24 december 2009

144. Voor jou heb ik altijd tijd

‘Uw arts of uw apotheker kan u helpen te stoppen met roken.’ Het staat op mijn pakje Caballero. ‘Roken brengt u en anderen rondom u ernstige schade toe,’ staat op de achterkant. Dus ik bellen met mijn apotheekster, want het is een vrouw hier in Egmond aan Zee. Nee, dan kunt u beter eerst even overleggen met uw huisarts, zei ze.
Ik dus bellen met dokter Smit. Fidele vent. ‘Zeg,’ zeg ik. ‘Ja ja,’ antwoordde hij, ‘een bekend probleem. Ik kom zo naar u toe.’ Een fidele vent, zei ik al. Nooit te beroerd om even wat extra werk op zich te nemen.
Toen hij kwam, keek hij eerst goed naar de inrichting van mijn huis, en toen vroeg hij: ‘Hoeveel rook jij er per dag?’
‘Vijfentwintig,’ zeg ik.
‘Dat is inderdaad teveel. Maatregelen! Heb je al gegeten vanochtend?’
‘Ja, ik heb mijn ontbijtje op.’
‘Mooi!’
En hij deed wat dokters doen in zulke gevallen: hij bond me muurvast in mijn fauteuil, zette de tv aan (‘Dan heb je toch je afwisseling nog’) en plaatste de tuit van een inhalator in mijn mond. Toen hij klaar was, kletste hij even in zijn handen (‘Zaakje is weer gepiept!’) en zei dat hij elke ochtend even langs zou komen om te kijken of ik vorderde.
Dat was afgelopen maandagochtend. Ik zit nog steeds vast. de dokter is nu voor de vierde keer langsgeweest. Die inhalator geeft een soort gemene Brandarislucht. Het is, goed beschouwd, een marteling. Maar je wilt stoppen, niet?

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen